Student: Bestaat God?
Prof: Nee.
Student: Weet u dat zeker?
Prof: Ja.
Student: Wat geeft u die zekerheid?
Prof: Zie jij God? Ik niet. Er is dus geen God. We maken een beeld van God in ons hoofd, maar dat is niet een werkelijkheid. "En den mens schiep God naar zijn beeld, naar het beeld van de mens schiep hij Hem" (Parodie op Genesis 1:27)
Student: Dus alles wat we niet zien, is er niet?
Prof: Nee, want gevoelens kunnen we niet zien, maar die zijn er wel.
Student: Dan kan God ook bestaan, ondanks zijn onzichtbaarheid.
Prof: Zou kunnen. Maar dan moet hij wel alwetend en almachtig zijn. Een alwetende God kan niet almachtig zijn, want Hij wordt gedetermineerd in zijn kennis. Hij kan niet meer vrij beslissen, want dat klopt er niets meer van wat hij al weet.
Student: En als Hij al weet dat Hij dan dat beslist. Dan is hij én almachtig, maar ook alwetend. Hij wist dat Hij dat dan wilde. Als God God is, is dat niet vreemd.
Prof: Zou kunnen. Maar alwetendheid en almacht sluit de vrije wil van de mens uit, en de mens heeft toch iets te kiezen volgens vele gelovigen?
Student: De vrijheid van de menselijke wil is gedetermineerd aan Gods almacht. Wij kunnen in zo verre vrij kiezen, zover God ons toestaat. God heeft de wereld van tevoren opgesteld met een plan. Wij kunnen erin meegaan of erin tegenin gaan. We kunnen ons niet eraan onttrekken. God weet van tevoren wat er gaat gebeuren. God weet wat we gaan doen, ook in Zijn wil.
Prof: Maar God kan niet bestaan, ook al kunnen onzichtbare ideeën bestaan; ook al kunnen alwetendheid en almacht samengaan. God kan niet bestaan, want ons beeld van God zijn zo divers in deze wereld dat God God niet meer is. De geschiedenis laat tevens eenzelfde God steeds veranderen. Wij mensen maken dus onze God.
Student: Maar staat er niet in de Bijbel dat God zegt dat er afgoden zijn? Er kunnen dus valse goden zijn en de echte God. Is het niet logisch dat als satan God na wil doen dat er allerlei andere afgoden ontstaan, die niets met dé God te maken hebben. Als wij God ook steeds opnieuw interpreteren, is het dan niet dat wij God veranderen, maar God zelf onveranderd blijft. Kunnen wij niet op basis van onze kennis God en Bijbel beter begrijpen? Dan is het niet dat wij God veranderen. Hij blijft dezelfde, maar wij leren een beter begrip van Hem te hebben. God blijft de schepper van hemel en aarde, de almachtige en alwetende.
Prof: Ja maar, hoe dan ook, God kan absoluut geen schepper zijn van hemel en aarde. De evolutie heeft dat scheppingsverhaal in de Bijbel aardig aan het wankelen gebracht.
Student: Maar niet weerlegd. Wij weten nu dat de natuur evolueert. Laten we uitgaan van evolutie in dezelfde soort. De overgangsevolutie is een theorie die we niet kunnen bewijzen. Dat alles ontstaan is uit een organische soep, is aannemelijk, meer niet. Dus evolutie bestaat, maar waarom kan God dan niet de aarde in zes dagen hebben geschapen. Wie zegt dat de evolutie niet na de schepping is begonnen. Wie zegt dat de aarde niet in meerdere dagen is geschapen, want Gods dagen zijn andere dagen dan de mensendagen? Hiermee is het niet bestaan van God toch niet bewezen. Zolang we geen bewijs hebben van wat er duizenden jaren geleden precies heeft afgespeeld, kunnen we niks met zekerheid zeggen. Het blijft een theorie zonder bewijs. Gods bestaan is niet te bewijzen, maar ook het tegendeel kunnen we niet bewijzen. Dit is omdat God God is. Hoe knap dat wij na zoveel jaren denken nog steeds geen redelijk bewijs hebben van het niet bestaan van God. We proberen mooie retorische betogen te houden, maar het is niet meer dan overtuigen. Absoluut zeker kunnen we niet zijn. Ga eens na in uw hart, bent u absoluut zeker dat God niet bestaat?
Prof: Ja.
Student: Wat geeft u dan die zekerheid?
Prof: "Wil God het kwaad voorkomen, maar kan Hij het niet? Dan is Hij niet almachtig. Kan Hij het wel, maar wil Hij het niet? Dan is Hij kwaadwillig
Kan Hij het wel en wil hij het ook? Waar komt dan het kwaad vandaan?
Kan Hij het niet en wil Hij het niet? Waarom noemen we Hem dan God?"
Als God liefde is, dan kan hij dus niet bestaan. De gelovige zegt dat God liefde is, dus Hij bestaat niet.
Student: God kan al het kwaad voorkomen. Hij is almachtig. Hij wil ook al het kwaad voorkomen, dat is Zijn wil die wij leren in Zijn woord. Maar God is ook rechtvaardig. Hij wil dat wij naar Hem luisteren. Als wij dat niet doen, zijn de gevolgen de zonde. Als we het wel doen, dan was alles volmaakt, want Gods wil is volmaakt. Echter, wij willen niet wat God wil en laten ons door satan en zijn duistere machten bespelen. God wil geen robots op een wereldtoneel. Dat is Zijn wil. Hij heeft ons opgezocht en opgeroepen om Hem aan te nemen, maar als wij niet willen, moeten we ook niet verwachten dat er geen kwaad in de wereld is. Dat maakt God niet slecht, maar de mens. God wil de mens juist eruit helpen, en dat doet Hij ook, keer op keer. Heeft Hij niet een voorbeeldvolk uitverkoren, heeft Hij niet Zijn zoon opgeofferd om ons van het kwaad te redden? God wil het goede. God wil ons liefhebben. God wil ook dat wij Hem zien als God. Welk Goeds hebben wij te verwachten als wij niet Goedwillig zijn? Dit maakt God geen slechte God, maar een rechtvaardige God, die altijd vol liefde blijft. We kunnen alleen deelgenoot worden van Gods goedheid als we God beschouwen als God, en niet wegelimineren. Er is geen God als je niet in God gelooft, maar als je wel gelooft dan is er een God. Het geloof maakt het verschil. Echter, wel of niet geloven, God bestaat. Gods bestaan kan niet empirisch bewezen worden, want God maakt uit van de onzichtbare wereld. Deze wereld staat los van de westerse wetenschap. Wij kunnen dus niets over Gods bestaan zeggen met theorie en empirie. Hoe kun je de liefde bewijzen als je alleen je ogen gebruikt? Dit is tijdverspilling. Gods bestaan is een geloof, blijft een geloof en zal altijd zo blijven.
Prof: Maar ik geloof niet in God en dus bestaat hij niet.
Student: Dat is aan u. Maar de subjectieve lading kan geen algemene geldigheid geven, dus blijft het een geloof, uw geloof. Ik geloof in God.